Commissie: kinderopvang
Categorie: informatieverstrekking
Jaartal: 2026
Soort uitspraak: bindend advies
Uitkomst: ongegrond
Referentiecode:
1316753/1328039
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Deze zaak gaat over een geschil tussen een oudercommissie (OC) en een kinderopvangorganisatie over de informatie die de OC heeft ontvangen bij een voorgenomen tariefsverhoging voor 2026. De OC vond dat de ondernemer onvoldoende inzicht gaf in de financiële onderbouwing van de tariefsverhoging en daarom geen goed advies kon uitbrengen. Ook had de OC vragen over gewijzigde openingstijden op kerstavond en oudjaarsavond, terwijl ouders voor die dagen wel een volledig dagtarief moesten betalen. De ondernemer stelde dat alle gevraagde informatie was verstrekt, dat aanvullende vragen schriftelijk waren beantwoord en dat de verhoging was gebaseerd op stijgende kosten, waaronder hogere salariskosten. Daarnaast zegde de ondernemer toe om voor de aangepaste openingstijden een apart adviestraject te starten. De Geschillencommissie oordeelt dat de OC voldoende informatie heeft ontvangen om haar adviserende taak uit te voeren. Daarbij weegt mee dat de OC niet concreet kon aangeven welke informatie nog ontbrak en dat de ondernemer bereid was verdere toelichting te geven. De commissie concludeert daarom dat niet is gebleken dat de informatievoorziening tekortschiet en verklaart de klacht van de OC ongegrond.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De OC heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de informatieverstrekking door de ondernemer aan de OC ten behoeve van het adviestraject.
Standpunt van de OC
Voor het standpunt van de OC verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Het geschil betreft de vraag of de ondernemer de OC voldoende informatie heeft verschaft en het besluit om af te wijken van het door de OC uitgebrachte negatieve advies inzake de voorgestelde tariefsverhoging voor het jaar 2026 voldoende heeft onderbouwd.
Hoewel de ondernemer stelt dat de tariefsverhoging is gebaseerd op verwachte kosten en inflatie, constateert de OC dat de voorgestelde verhoging aanzienlijk hoger ligt dan de door AYIT geadviseerde bandbreedte. Dit vraagt naar mening van de OC een extra toelichting en onderbouwing van de noodzaak van de verhoging.
De OC heeft meermaals verzocht om inzicht in de rendementsdoelstellingen, financiële ratio’s en de wijze waarop eventuele overschotten worden aangewend. De door de ondernemer verstrekte informatie is volgens de OC ontoereikend om een weloverwogen advies te kunnen geven. Zo ontbreekt een duidelijke koppeling tussen de tariefsverhoging en de financiële doelstellingen van de organisatie, terwijl het jaarverslag een meer dan gezonde financiële positie toont.
Verder is onvoldoende transparantie geboden over de impact van aangepaste openingstijden op kerstavond en oudjaarsavond. Deze dagen worden als volledige dagen in rekening gebracht, ondanks dat de opvang eerder sluit. De OC is van mening dat dit een aparte adviesaanvraag had moeten zijn en dat de financiële besparing voor de organisatie verdisconteert dient te worden in het tarief.
Volgens de Wet kinderopvang mag een ondernemer afwijken van een negatief advies van de OC, mits dit schriftelijk en gemotiveerd wordt toegelicht en aangetoond wordt dat het advies niet in het belang van de ondernemer is. De OC is van mening dat de motivering en onderbouwing onvoldoende zijn geleverd.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer is van mening alle gevraagde informatie is verstrekt, inclusief aanvullende documentatie. Het betreft hetzelfde informatiepakket als eerdere jaren, die door deze en andere OC’s als toereikend zijn beschouwd. Verder zijn de negen aanvullende vragen van de OC volledig en schriftelijk beantwoord op 16 oktober 2025. De OC beschikte dus over voldoende informatie om een advies uit te kunnen brengen.
Tariefsverhoging
De tariefstijging valt in 2026 iets boven de bandbreedte van AYIT (3,6–5%), door specifieke interne kostenontwikkelingen. Dit heeft te maken met diverse componenten, waardoor de salariskosten met 8,64% zijn gestegen. De ondernemer hanteert een inflatiepercentage van 3,0%. Dit ligt boven de CPB-raming, maar sluit aan op de gerealiseerde inflatie en sector-specifieke kostenstijgingen, zoals huur en onderhoud, die structureel hoger zijn.
Het tarief wordt jaarlijks bepaald op basis van kosten en inflatie. De ondernemer hanteert geen rendementsdoelstelling in de tariefberekening. Verder keert de ondernemer geen dividend uit aan de Amerikaanse moederorganisatie en is niet voornemens hierin verandering aan te brengen.
Kerstavond en oudejaarsdag
De OC stelt dat de vroegsluiting op 24 en 31 december apart had moeten worden geadviseerd of in een tariefsverlaging had moeten resulteren.
Hoewel de ondernemer van mening blijft dat de eerdere onderbouwing was, heeft de ondernemer dit punt opnieuw beoordeeld. De ondernemer doet daarom het volgende voorstel: de ondernemer brengt de uren waarop de opvang na 17.00 uur gesloten is op 24 en 31 december 2026 niet in rekening. Dit betekent dat de uren ná de sluitingstijd van 17.00 uur volledig worden gecrediteerd. Dit geldt voor alle vestigingen. Ter zitting heeft de ondernemer toegezegd hiervoor een apart adviestraject op te starten.
Beoordeling van het geschil
Toetsingskader
De ondernemer kan slechts van een advies van de oudercommissie afwijken indien hij schriftelijk en gemotiveerd aangeeft dat het belang van de kinderopvang zich tegen het advies verzet (artikel 1.60 lid 2 Wet kinderopvang). Bij de beantwoording van de vraag of de ondernemer van het advies van de oudercommissie mag afwijken, geldt in het algemeen dat aan de commissie slechts een marginale toetsing toekomt. Die toetsing houdt in dat de commissie alleen beoordeelt of de ondernemer bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid heeft kunnen komen tot zijn besluit van het advies af te wijken. In beginsel komt aan de ondernemer de vrijheid toe zijn eigen beleid te voeren en te bepalen op welke wijze hij zijn doel met zijn onderneming wil bereiken. De commissie kan pas tussenbeide komen wanneer voldoende duidelijk is dat wegens gebrek aan voldoende onderbouwing van het bestreden besluit, dat besluit in redelijkheid niet in stand kan blijven.
Wat aan het geschil vooraf is gegaan
Op 30 september 2025 is de adviesaanvraag door de ondernemer bij de OC neergelegd. Op 6 oktober 2025 heeft de OC aanvullende vragen gesteld over de adviesaanvraag, waar de ondernemer op 9 oktober 2025 schriftelijk op heeft gereageerd. De OC heeft hierna nogmaals vragen gesteld die de ondernemer heeft beantwoord. Uiteindelijk heeft de OC op 31 oktober 2025 het standpunt ingenomen over te weinig informatie te beschikken om een advies te kunnen uitbrengen.
Reikwijdte geschil
Nu de OC (nog) geen advies heeft uitgebracht, ligt bij de commissie slechts de vraag voor of de OC voldoende informatie van de ondernemer heeft ontvangen om een advies uit te kunnen brengen.
Ten aanzien van de sluitingsdagen heeft de ondernemer toegezegd hiervoor alsnog een apart adviestraject in te richten. De ondernemer komt hiermee tegemoet aan de wens van de OC. Deze klacht behoeft dan ook geen inhoudelijke bespreking door de commissie.
Is voldoende informatie verstrekt aan de OC?
Vaststaat dat de OC door de ondernemer is voorzien van informatie met betrekking tot de onderbouwing van de tariefsverhoging, waaronder een toelichting op het verschil met het Ayit-rapport. Deze informatie is naar het oordeel van de commissie van dien aard dat de OC een geïnformeerd advies zou kunnen geven ten aanzien van de voorgenomen verhoging.
Daarbij acht de commissie van belang dat de OC, ondanks dat zij daartoe ter zitting uitdrukkelijk en herhaaldelijk in de gelegenheid is gesteld, niet concreet heeft kunnen aangeven welke specifieke informatie nog ontbreekt om tot een inhoudelijke advisering te komen. De enkele stelling dat nadere informatie wenselijk is, zonder dit nader te concretiseren, is naar het oordeel van de commissie onvoldoende om te kunnen concluderen dat de informatievoorziening tekortschiet.
Ook weegt de commissie mee dat de ondernemer zich bereid heeft getoond om nadere toelichting te verschaffen, onder meer ten aanzien van de in- en uitstroom van personeel. Niet is gebleken dat de OC van deze mogelijkheid gebruik heeft gemaakt door gerichte aanvullende informatieverzoeken bij de ondernemer in te dienen.
Gelet op het voorgaande is de commissie van oordeel dat niet is gebleken van een zodanig gebrek aan informatie dat de OC niet in staat zou zijn geweest om een inhoudelijk advies uit te brengen. De commissie concludeert dan ook dat de OC over voldoende informatie beschikte om haar adviserende taak naar behoren te kunnen vervullen.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie:
– verklaart de klacht van de OC ongegrond.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Kinderopvang, bestaande uit de heer mr. A.R.O. Mooy, voorzitter, mevrouw mr. S.A.M.F. Sjoukes, de heer H. Stel, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. S.M.E. Balfoort, secretaris, op 13 maart 2026.