Niet-ontvankelijkheid klacht over beëindiging opvangovereenkomst kinderen

Klachtenloket Kinderopvang



Commissie: kinderopvang    Categorie: -    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Niet ontvankelijk   Referentiecode: 1280250/1299006

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Een consument klaagde omdat de opvangovereenkomst voor haar kinderen eenzijdig door de ondernemer werd beëindigd. Zij wilde vooral de opvang voor haar zoon voortzetten en stelde daarnaast klachten over facturering, het ten onrechte ophalen van haar dochter wegens vermeende ziekte en onveilige situaties op de opvang. Tijdens de zitting gaf de consument echter aan inmiddels zelf de opvang van haar zoon te verzorgen en geen opvang door de ondernemer meer te wensen. Daardoor ontbrak een (spoedeisend) belang bij de klacht over de beëindiging van de overeenkomst. Voor de dochter had de consument de overeenkomst zelf per 1 september 2025 opgezegd, zodat ook daar geen ontvankelijk belang bestond. De overige klachtonderdelen konden in deze verkorte procedure niet aan de commissie worden voorgelegd. De commissie verklaarde de consument daarom in alle onderdelen van de klacht niet-ontvankelijk.

De uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de eenzijdige opzegging van de opvangovereenkomst voor de kinderen van de consument door de ondernemer. De consument verwijt de ondernemer dat aan de beëindiging van de opvangovereenkomst geen zwaarwegende redenen ten grondslag liggen. De consument vraagt om een uitspraak in een verkorte procedure.

Standpunt van de consument

De zoon (geboren op 15 maart 2022) en dochter (geboren op 2 oktober 2023) van de consument werden vijf dagen per week opgevangen in het kinderdagverblijf van de ondernemer. In juni 2025 heeft de consument aan de ondernemer laten weten dat zij met ingang van 1 september 2025 een andere opvanglocatie voor haar dochter had gevonden. Voor haar zoon wilde zij de opvang bij de ondernemer continueren. Tot verbazing van de consument heeft de ondernemer haar op 26 juni 2025 te kennen gegeven dat de opvangovereenkomst voor beide kinderen, dus ook voor haar zoon, per 1 augustus 2025 zou worden beëindigd. De ondernemer heeft de consument geen reden voor de opzegging gegeven. De zoon gaat sinds een paar maanden vier keer per week naar een gespecialiseerd kinderdagverblijf, [naam gespecialiseerd kinderdagverblijf]. Voor de overige opvanguren is de consument afhankelijk van de ondernemer. De consument verlangt dan ook een continuering van de opvangovereenkomst voor haar zoon van maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag van 15.00 uur tot 18.00 uur en op woensdag van 9.00 uur tot 18.00 uur. Vanwege het spoedeisende belang verzoekt de consument om een uitspraak in een verkorte procedure.

Naast een uitspraak over de eenzijdige opzegging van de opvangovereenkomst door de ondernemer vraagt de consument ook een oordeel van de commissie over de volgende problemen:
– De consument heeft pas na herhaalde verzoeken de benodigde facturen voor de belastingdienst ontvangen. Daarbij verlangde de ondernemer een onmiddellijke betaling van extra opvanguren waarvoor de consument haar spaargeld heeft moeten aanspreken;
– De consument moest haar dochter ophalen van het kinderdagverblijf omdat zij ziek zou zijn. Een week lang kon zij geen gebruik maken van de opvang hoewel de huisarts van de consument aangaf dat de dochter niet ziek was;
– De zoon van de consument werd alleen gelaten met een schaar; de consument kon dit door het raam zien. De consument is van mening dat de veiligheid binnen de opvang van de ondernemer slecht is. De zoon kwam een keer thuis met flinke blauwe plekken maar niemand wist wat er was gebeurd. Op de opvang hangen tot verbazing van de consument geen camera’s.

Standpunt van de ondernemer

De ondernemer heeft zich steeds tot het uiterste ingespannen om de opvang voor de kinderen van de consument zo flexibel en prettig mogelijk te laten verlopen. Meerdere keren heeft de consument wegens langer verblijf in [land] de opvangovereenkomsten beëindigd en vervolgens weer opnieuw afgesloten. De ondernemer heeft voor de consument steeds een uitzondering gemaakt om haar als alleenstaande ouder tegemoet te komen. De zoon van de consument is een kind dat extra zorg en begeleiding nodig heeft. Sinds een paar maanden gaat de zoon naar een gespecialiseerd kinderdagverblijf, [naam gespecialiseerd kinderdagverblijf]. De consument heeft de ondernemer gevraagd of de zoon, na de opvangdagen bij [naam gespecialiseerd kinderdagverblijf], de resterende uren bij de ondernemer kon worden opgevangen zoals voorheen. Ook hiermee heeft de ondernemer ingestemd zodat de zoon en de dochter bij elkaar in de opvang konden blijven. Het betrof hier wederom een uitzonderlijke situatie omdat de ondernemer reguliere kinderopvang biedt waar kinderen met een specifieke zorgvraag normaal gesproken niet kunnen worden opgevangen.

Toen de consument aangaf dat zij de opvang voor de dochter wilde beëindigen heeft de ondernemer zich genoodzaakt gezien om de uitzonderingssituatie ten aanzien van de opvang voor de zoon te beëindigen. Voor de begeleiders vormde de zorg voor de zoon een te grote belasting. Er was sprake van een zwaarwegend belang zoals bedoeld in de Algemene Voorwaarden voor Kinderopvang, Dagopvang en Buitenschoolse opvang. De ondernemer heeft de reden van de opzegging in een gesprek op 26 juni 2025 aan de consument uitgelegd en toegelicht.
Ten aanzien van de overige klachtonderdelen van de consument merkt de ondernemer het volgende op:
– De consument heeft meerdere keren gebruik gemaakt van extra opvanguren, ook in het weekend. Voor die extra opvanguren dienden afzonderlijke facturen gemaakt te worden hetgeen enige tijd in beslag nam. De ondernemer heeft hierover contact opgenomen met de belastingdienst en de consument heeft hier geen nadeel van ondervonden;
– De ondernemer vraagt een ouder slechts een kind op te halen als het ziek is. De ondernemer heeft hierin de protocollen en richtlijnen geldend voor de kinderopvang gevolgd;
– Ook ten aanzien van de veiligheid van de kinderen voldoet de ondernemer aan alle daarvoor geldende richtlijnen en protocollen.

Beoordeling van het geschil

Ter zitting heeft de consument te kennen gegeven dat zij sinds 1 augustus 2025 de opvang van haar zoon, buiten de uren waarin hij bij [naam gespecialiseerd kinderdagverblijf]. verblijft, zelf verzorgt. Zij stelt geen prijs meer op opvang van haar zoon door de ondernemer. Daarmee heeft de consument geen (spoedeisend) belang meer bij een uitspraak van de commissie over een beëindiging van de opvangovereenkomst.

De consument is niet-ontvankelijk in haar klacht voor zover deze de opzegging van de opvangovereenkomst voor de zoon betreft.

Voor zover de klacht de opzegging van de opvangovereenkomst voor de dochter betreft is de consument niet ontvankelijk in die klacht omdat zij zelf die overeenkomst per 1 september 2025 heeft opgezegd en niet verzocht heeft de opvang voor haar dochter tot 1 september 2025 te continueren.

De overige door de consument genoemde klachtonderdelen (facturen, ophalen van niet ziek kind, onveilige opvang) kunnen niet in een verkorte procedure aan de commissie worden voorgelegd. Ook in die klachtonderdelen kan de consument in dit geding niet worden ontvangen.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De commissie verklaart de consument niet ontvankelijk in haar klachten.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Kinderopvang, bestaande uit mevrouw mr. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, de heer mr. E.A.J. Vergouwen en de heer H. Stel, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. J.C. Quint, secretaris, op 27 augustus 2025.