Herroeping opvangcontract en verzoek tot terugbetaling ouderbijdrage zonder redelijk belang bij verdere behandeling

  • Home >>
  • kinderopvang >>
Klachtenloket Kinderopvang



Commissie: kinderopvang    Categorie: -    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: Niet ontvankelijk   Referentiecode: 674631/928402

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

Het geschil draait om de herroeping van een opvangcontract voor een tweeling en de terugbetaling van de ouderbijdrage. De consument wilde het contract na een wendag van drie uur ontbinden, omdat zij de opvang onhygiënisch en onveilig vond. Zij zag onder meer dat één leidster op veertien kinderen stond en haar dochtertje, dat nog niet stabiel kon zitten, op een koude vloer werd gezet. De consument maakte gebruik van haar herroepingsrecht, ontbond het contract en plaatste een negatieve recensie. De ondernemer erkende het herroepingsrecht, ontbond het contract en betaalde de ouderbijdrage terug. Zij betwist echter de klachten van de consument en vraagt om verwijdering van de negatieve recensie. De Geschillencommissie stelt vast dat het gevraagde – terugbetaling van de bijdrage – al is gebeurd en dat de consument daardoor geen redelijk belang meer heeft bij verdere behandeling van de klacht. Omdat beide partijen ook niet op de zitting verschenen, werd het belang niet nader toegelicht. Daarom verklaart de commissie de consument niet-ontvankelijk in haar klacht en volgt geen inhoudelijke behandeling.

De uitspraak

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de herroeping van het contract en het terugbetalen van de ouderbijdrage. De commissie verklaart de consument niet-ontvankelijk in de klacht nu de consument geen redelijk belang heeft bij een uitspraak van de commissie.
Standpunt van de consument

Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De consument heeft een contract met de ondernemer gesloten voor de opvang van haar tweeling, maar wilde dat contract na de wendag ontbinden. Op de wendag van drie uur zag de consument dat de opvang in de praktijk er anders aan toeging dan zij had gedacht. Volgens de consument stond er één leidster op een groep van 14 kinderen. Er werd dus onvoldoende toezicht gehouden op de kinderen. Ook was het volgens de consument enorm onhygiënisch op de groep. Verder kon de dochter van de consument nog niet stabiel zitten, maar werd zij wel al op een kale koude vloer zelfstandig neergezet. De consument heeft gebruik gemaakt van haar herroepingsrecht en het contract ontbonden. Ook heeft de consument een negatieve recensie op Google geplaatst over de ondernemer. Als oplossing van het geschil stelt de consument voor dat de ouderbijdrage wordt terugbetaald.

Standpunt van de ondernemer

Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.

De ondernemer heeft het herroepingsrecht van de consument gehonoreerd en het contract ontbonden. De ouderbijdrage is terugbetaald. De ondernemer herkent zich niet in de verwijten van de consument. Er waren op de wendag meer dan voldoende medewerkers aanwezig en een leidinggevende met ruime ervaring, zodat de kinderen voldoende aandacht kregen. De ruimte was op het moment van ophalen van de kinderen wat rommeliger, omdat net een eetmoment was geweest. De ondernemer verzoekt de consument haar negatieve recensie te verwijderen.

Beoordeling van de ontvankelijkheid

De commissie heeft ten aanzien van de ontvankelijkheid het volgende overwogen.

Uit de stukken blijkt dat de klacht ziet op de terugbetaling van de ouderbijdrage. De ondernemer heeft hieraan voldaan. De vraag is dan ook welk redelijk belang de consument nu nog bij een behandeling van haar klacht heeft. Het reglement Geschillencommissie Kinderopvang schrijft voor dat de commissie de consument ambtshalve in zijn klacht niet-ontvankelijk dient te verklaren indien het een geschil betreft over de niet-betaling van een factuur en daaraan geen inhoudelijke klacht ten grondslag ligt (zie artikel 5 lid b van het reglement).

Partijen zijn tijdig en behoorlijk opgeroepen voor de zitting van 27 maart 2025 te verschijnen. Geen van de partijen is zonder enige berichtgeving op de zitting verschenen. De commissie had de consument ter zitting willen vragen om haar redelijk belang bij een behandeling van haar klacht nader toe te lichten, maar de consument heeft van die mogelijkheid geen gebruik gemaakt. Onder deze omstandigheden is de commissie van oordeel dat de consument geen redelijk belang meer heeft in voortzetting van het geschil.

De commissie verklaart de consument niet-ontvankelijk in haar klacht en komt niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de klacht.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De consument wordt in de klacht niet-ontvankelijk verklaard.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Kinderopvang, bestaande uit de heer mr. A.R.O. Mooy, voorzitter, de heer drs. T. Blom, mevrouw E.C. Rosemünd, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. M.L. de Bruijn, secretaris, op 27 maart 2025.