Mazelen op kinderdagverblijf

Op een kinderdagverblijf in Den Haag is bij zeker vier kinderen mazelen geconstateerd. Kinderen worden op de leeftijd van 14 maanden voor het eerst gevaccineerd tegen mazelen. Een aantal van de besmette kinderen op het Haagse kinderdagverblijf waren niet gevaccineerd. In ieder geval een kind dat besmet raakte was jonger dan 14 maanden en heeft nog geen vaccinatie gehad.

GGD Haaglanden
De GGD Haaglanden heeft direct na het bekend worden van de ziektegevallen bron- en contactonderzoek ingesteld en geïnventariseerd met wie de kinderen in hun besmettelijke periode contact hebben gehad. Dit betreft privécontacten, contacten in de gezondheidszorg en contacten op het kinderdagverblijf. Indien nodig hebben deze personen vaccinatie of een injectie met antistoffen gekregen. Kinderen onder de 6 maanden worden behandeld met antistoffen om ze zo snel mogelijk te beschermen. Kinderen van 6 maanden tot 14 maanden worden versneld gevaccineerd of krijgen antistoffen. Ook oudere kinderen die nog niet waren gevaccineerd krijgen een vaccinati, zo blijkt uit een brief van staatssecretaris Paul Blokhuis van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport). 

De GGD Haaglanden heeft alle huisartsen en jeugdartsen in Den Haag een brief gestuurd om hen op de hoogte te stellen van de situatie en hen te wijzen op de mogelijkheid dat er patiënten met mazelen in hun praktijk kunnen komen. Verdere verspreiding kan -ondanks adequate maatregelen- vooralsnog niet uitgesloten worden. GGD Haaglanden houdt de situatie goed in de gaten.

Meer gevallen in Nederland
Er zijn dit jaar tot nu toe meer mazelenpatiënten gemeld dan in dezelfde periode in de voorafgaande jaren. Over heel Nederland zijn er in 2019 tot nu toe 15 patiënten gemeld. Voorgaande jaren werden er 10 tot 20 patiënten in het hele jaar gemeld. De toename van het aantal patiënten komt doordat er in diverse landen in Europa mazelenuitbraken zijn. De meeste patiënten hebben de ziekte in het buitenland opgelopen, soms besmetten zij vervolgens in Nederland nog één of enkele onbeschermde personen. Het gaat daarbij niet alleen om kinderen, maar ook om volwassenen die niet beschermd zijn tegen mazelen. De vaccinatie tegen mazelen is vanaf 1976 opgenomen in het vaccinatieprogramma, dus een deel van de volwassenen is niet gevaccineerd.

Als de vaccinatiegraad voldoende hoog is (bij mazelen >95%), is er sprake van groepsbescherming. Dan ontstaat er geen grote uitbraak, zoals nu in een aantal landen in Europa wel voorkomt. Het mazelenvirus zal dan immers -als het door de patiënt uitgehoest wordt- op vrijwel allemaal beschermde personen stuiten. Deze personen worden niet ziek en zullen het mazelenvirus ook niet verder verspreiden. Daardoor wordt de verspreiding van het virus afgeremd en uiteindelijk gestopt. Deze groepsbescherming zorgt ervoor dat ongevaccineerde kinderen niet ziek worden, maar daarvoor moeten zij wel een buffer van beschermde personen om zich heen hebben. Een hoge vaccinatiegraad is voor deze groepsbescherming van groot belang.

Toch altijd risico
Groepsbescherming speelt veel minder een rol op een kinderdagverblijf. Niet-gevaccineerde kinderen kunnen in principe mazelen op het kinderdagverblijf introduceren, bijvoorbeeld als zij de ziekte in het buitenland hebben opgelopen. Dit geldt ook voor de kinderen die nog niet gevaccineerd zijn, omdat zij nog geen 14 maanden zijn.

Als een ongevaccineerd kind direct contact heeft met een mazelenpatiënt wordt het niet beschermd door andere, wel gevaccineerde personen. Bij mazelen is –net als bij veel andere infectieziekten- de patiënt al besmettelijk voordat hij of zij klachten heeft. Omdat een besmet kind met (vrijwel) alle andere kinderen op het kinderdagverblijf in contact komt, lopen alle niet-gevaccineerde kinderen risico op besmetting. Op elk kinderdagverblijf zijn kinderen onder de 14 maanden die nog geen vaccinatie tegen mazelen hebben gehad en dus besmet kunnen worden. Zelfs bij een 100% dekkingsgraad in het kader van het RVP is een dergelijke besmetting dus mogelijk.

Commissie
De staatssecretaris heeft samen met staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) een onafhankelijke commissie gevraagd om oplossingsrichtingen te onderzoeken die tegemoetkomen aan de zorgen van ouders op de kinderopvang. Deze oplossingsrichtingen dienen werkbaar te zijn voor een kindercentrum en een voorziening voor gastouderopvang. De Commissie Kinderopvang en vaccinatie buigt zich momenteel over dit complexe vraagstuk. Zij hopen nog voor de zomer met een rapport te komen.

Vragen en contact
Heeft u vragen over mazelen in combinatie met kinderopvang, wat kan en mag een kinderdagopvangorganisatie doen?

Neem dan contact met ons op via telefoonnummer 0900-1877 (maandag t/m vrijdag 9.00 - 17.00 uur) of via het contactformulier.

Meer weten over mazelen?
Bekijk de website van het RIVM over mazelen

  • LANDELIJK LOKET KLACHTEN EN GESCHILLEN VOOR KINDEROPVANG EN PEUTERSPEELZALEN

  • Disclaimer
  • Privacy
Terug naar boven